Stookvoorschrift

De stooktips op een rijtje:

  1. Stook de kachel uitsluitend met schoon, droog hout.
  2. Gebruik niet te veel hout tegelijk maar voeg regelmatig kleine hoeveelheden hout toe. Maak de haard aan door een paar grote houtblokken schuin tegen elkaar te zetten; leg wat kleine aanmaakhoutjes in het midden er onder en steek deze aan.
  3. Zorg altijd voor een klein laagje as op de bodem van de vuurplaats. Dit beschermt de onderliggende vloer tegen te grote hitte.
  4. Zorg voor voldoende luchttoetreding. Bedenk dat, naast de benodigde verbrandingslucht, per uur nog zo’n 500 m3 lucht als ballastlucht door de schoorsteen wordt meegezogen. (Bedenk ook dat een luchtverversingssysteem meestal alleen lucht uit uw huis pompt!). Houd tijdens stoken ventilatieopeningen of roosters in ramen en deuren open.
  5. Plaats voor een open haard een vonkenscherm en laat het vuur niet onbewaakt achter.
  6. Houd brandbare materialen (kleden, meubilair) op veilige afstand van het vuur.
  7. Plaats een onbrandbare plaat onder de kachel of haard en daaronder een laag onbrandbaar isolatiemateriaal.
  8. Houd kleine kinderen uit de buurt van (open) vuur en laat ze niet zonder toezicht in een ruimte waar een haard brandt.
  9. Doof het vuur niet, maar laat het vanzelf uitgaan. Sluit vooral niet de luchttoevoeropeningen van de (haard)kachel wanneer de haard nog brandt.
  10. Stook niet bij mist of windstil weer. De trek in uw schoorsteen is dan minder, en u veroorzaakt mogelijk rookoverlast voor uzelf en uw omgeving.

Wilt u meer informatie of bovenstaande tips nog eens op papier? Klik dan op dit  document.